Category Archives: Geen categorie

Dat had u kunnen voorzien

Had u dit kunnen voorzien?

Een veel gestelde vraag tijdens onderzoek naar een ongeval op de werkplek.

Onze wetgeving gaat er van uit dat u uw zaakjes keurig geregeld heeft. U bent immers voldoende voorbereid op de risico’s binnen uw bedrijf. U beschikt over voldoende BHV-ers en deze zijn opgeleid op de risico’s binnen maar ook buiten uw muren. Over het algemeen zal men u daar achteraf op toetsen.

Velen sturen enkele medewerkers jaarlijks naar een opleider om het bedrijfshulpverlening certificaat tijdig te verlengen. Wanneer men deze training heeft bijgewoond is men weer up-to date en voldoen we weer aan de wettelijke eisen.

Wat hebben uw BHV-ers daadwerkelijk geleerd. Heeft men een algemeen programma gevolgd of heeft u als werkgever invloed gehad op het lesprogramma.

Wanneer ik aan cursisten vraag of men het naar de zin heeft gehad roept men veelal “ja”. Als ik ze vraag of ze het geleerde kunnen toepassen in hun eigen praktijk is het antwoord meestal heel anders.

U als werkgever bepaald het opleidingsprofiel van uw werknemer. Deze komen veelal uit uw RI&E (Risico Inventarisatie en Evaluatie). Hierin staat beschreven wat er bij u kan gebeuren, hoe u voorkomt dat dat gebeurt en tot slot hoe u dit gaat oplossen als het u toch overkomt.

Dit maakt u verantwoordelijk voor de inhoud van het opleidingsprogramma. U vertelt de opleider wat er behandeld dient te worden en bent daar eindverantwoordelijk voor. De opleider is slechts uitvoerend. Dit maakt het noodzakelijk dat er in het BHV certificaat de behandelde competenties vermeld dienen te worden.

U geeft de opleider aan welke brandblussers u bezit en welke verwondingen kunnen optreden. Vanzelfsprekend dienen er jaarlijks zaken als reanimeren aan de orde te komen.

Wanneer uw bedrijfshulpverlener terugkomt van de opleiding weet hij/zij het geleerde toe te passen in de eigen praktijk, er is geoefend met de bij uw in het bedrijf aanwezige zijnde middelen en men is weer bijgeschoold op de actuele ontwikkelingen en inzichten in de markt.Voor de één vanzelfsprekend, voor de ander een openbaring.

Steeds meer bedrijven trainen niet meer op locatie maar oefenen binnen het eigen bedrijf. De instructeur komt naar u toe en geeft een maatwerk training. Effectiever, goedkoper en minder tijdrovend. U hoeft immers zaken die u niet nodig heeft niet te trainen.

BHV wordt maatwerk. Dit betekent dat een nieuwe medewerker met een geldig BHV diploma alsnog bijgeschoold moet worden op uw risico’s. U heeft immers een andere procedure en misschien wel specifieke gevaren die uw medewerker (nog) niet beheerst.

Zo kan het zijn dat het ene bedrijf aan een paar uurtjes opleiding voldoende heeft en het andere breder gaat trainen.

De werkgever is verantwoordelijk voor een veilige werkomgeving. Dit vrijwaart een werknemer niet om achterover te leunen. Een werknemer kan iets ervaren als een risico terwijl zijn leidinggevende dat anders ziet. De wisselwerking tussen werkgever en werknemer maakt een risico inzichtelijk en uiteindelijk beheersbaar.

Dat had u immers kunnen voorzien.

 

Arjan de Kleijn

Trendwatcher in BHV

Eigenaar van Hulten Bedrijfsopleidingen in Hulten

Hulten BHV.nl

 

Handschoenen ? Doen !

Tijdens een BHV sessie in het land tref ik een huilende meneer van ongeveer 30 jaar. De beste man had als conciërge van een hogeschool een toch wel hele leuke studente verbonden nadat ze ongelukkig ten val was gekomen.

De betreffende dame komt de volgende dag met een grote bos bloemen de koffiekamer binnen, geeft de man een knuffel en roept hem apart om hem mee te delen dat ze een hepatitis B besmetting heeft. Ze vond dat hij dat moest weten.

Na het bericht over de mogelijke besmetting keert de man huiswaarts en begint de ellende. Na een aantal slapeloze nachten besluit hij te testen.

Volgens zijn eigen zeggen heeft het bijna 6 maanden geduurd voordat met enige zekerheid vast was gesteld dat hij niet besmet was. Die periode heeft hij ook maar even niet met zn vrouw gevreeën.

Enigszins emotioneel vraagt de man mij waarom er niet standaard met handschoenen wordt gewerkt binnen de BHV en EHBO.

Goeie vraag! Die zoeken we op!

Nu is het zo dat we achteraf denken; Had ik maar handschoenen aangetrokken. Mijn inzien zou dit andersom moeten zijn. Ondanks de bewering van gevestigde autoriteiten op dit gebied dat de kans op een besmetting heel erg klein is toch het volgende advies.

Begin met handschoenen dan kan je ze altijd nog uittrekken.

Wanneer men een verbandtrommel openmaakt struikelt men over de handschoenen en maakt dan een bewuste keuze. Aan of uit.

Nu bevinden de handschoenen zich vaak in een zakje onderin de trommel en denkt men er niet aan.

Tijdens de lessen meer aandacht aan dit thema. Lotussen, smeer ze met uw vrije hand maar eens lekker vol bloed en kijk naar de reactie.

Niet mee eens? Ga eens met de beste man praten

Ik kan reanimeren

Ik kan reanimeren! Dat was mijn mening nadat ik in ongeveer een half uur had gepompt en geblazen op de vertrouwde Anne. Een goedwillende instructeur verteld de theorie en geeft een demonstratie van een perfecte reanimatie.

Voor ons ligt Anne, een slank lichaam met een trainingspak. Goed schoongemaakt met desinfecteer en klaar voor de eerste reanimatie.

Nadat ik eerst eens de kat uit de boom kijk en diverse cursisten voor me laat gaan ben ik aan de beurt. Ik plaats m’n knie-en op dezelfde plaats als m’n collega’s en duw op de aangegeven manier de borstkas 5-6 cm in. Het tempo wordt aangegeven door een metronoom en op een metertje kan ik ook nog zien of ik diep genoeg druk.

Na de dertig keer pompen blaas ik door het harde en naar alcohol smakende mondje twee maal de longen vol en start opnieuw met compressies. Gelukkig maakt de instructeur na iedere deelnemer de mond van Anne goed schoon. Ik moet er toch niet aan denken dat ik iets oploop van één van de anderen.

Na de cursus vertel ik vol trots aan iedereen dat ik kan reanimeren.

In de zomer van 2010 geeft ik me op bij AED-alert. Men zoekt in mijn wijk mensen die kunnen en willen reanimeren en uiteraard ben ik daartoe bereid. In onze buurt hangt ook al een kastje op een buitengevel met daarin een Automatische Externe Defibrillator. Dus, kom maar op!

December 2010. Eindelijk een paar dagen vrij. Hangend op de bank voor de tv. Op de tafel in de woonkamer klinken de bekende piepjes van de mobiele telefoon. Een SMS! Niets bijzonders en ik schenk er even geen aandacht aan. Mijn wederhelft loopt echter  naar de tafel en bekijkt het beeldscherm. “Het is iets met een AED” zegt ze.

Vijf seconden later is de joggingbroek uit en de spijkerbroek aan, ren ik naar mn sleutels en vraag aan m’n vrouw waar het betreffende adres ongeveer is. “Bij kapper Arjan in de straat” is het antwoord. Met m’n jas in de hand pak ik nog even snel een beademingskapje. Het ding heb ik gekregen en klaargelegd in de meterkast. je weet tenslotte nooit waar het goed voor is.

Aangekomen op het adres parkeer ik m’n auto met slippende banden tussen de kriskras geparkeerde andere auto’s. Terwijl ik uitstap roept een jongeman “Ze zijn al bezig hoor!”. Ik negeer hem en ren de trappen op naar boven. Binnengekomen tref ik een drukte van belang, midden in de woonkamer ligt een oudere dame op de grond. Twee heren zijn volop aan het reanimeren en de AED is reeds aangesloten. Het valt me op dat er niet beademt wordt en vraag of ik dat kan gaan doen.

Beide heren gaan direct akkoord. later begreep ik waarom.

De betreffende dame leek in het geheel niet op Anne. Buiten het feit dat ze 50 kilo zwaarder was liep er speeksel uit haar mond, zat daar ook nog een loshangend gebit en maakte ze bij iedere compressie een kreunend geluid. Onwennig en onzeker ga ik aan de hoofdkant van mevrouw languit op de grond liggen, pak m’n beademingskapje, vouw deze uit en plaats deze over neus en mond van mevrouw.  Wanneer men aan het tellen gaat van twintig naar dertig plaats ik mijn mond op het ventieltje en begin bij dertig met blazen.

Van schrik trek ik m’n hoofd naar achteren en stop. Onder het kapje voel ik het hoofd van mevrouw opzwellen. Althans, wanneer ik blaas vul ik eerst de mondholte van mevrouw met lucht en bollen haar wangen op. Buiten het feit dat het speeksel tussen m’n vingers door loopt is dit iets wat Anne nooit deed.

Na de volgende dertig compressies krijg ik een nieuwe kans en krijg ik uiteindelijk wel lucht in de longen. Uiteindelijk hebben we dit ongeveer acht minuten volgehouden voordat de ambulancedienst de beademing van me over nam. ik heb m’n  mondkapje afgespoeld en ben weer naar huis gegaan.

Eenmaal thuis begon de onrust. De film komt nog honderd keer voorbij en je vraagt je even zo vaak af of je juist hebt gehandeld. De dagen erna kom je langs het betreffende adres en vraagt je af hoe het afgelopen is. Wanneer ik bel met AED alert over het feit dat het apparaat gebruikt is vraagt men belangstellend of ik er moeite mee heb. Wanneer ik antwoord met “ja” adviseert men mij contact op te nemen met slachtofferhulp.

Wie? Slachtofferhulp?  Die zijn toch alleen maar voor psychische hulp na een tasjesroof of zo? Dat heb ik dus niet gedaan!

 

In de weken daarna vraag ik me af wat ik in de cursus eigenlijk geleerd had. Ik heb Anne leren reanimeren maar ik kreeg iets wat er totaal niet op leek. Bij navraag bleken er vele andere goedwillende hulpverleners een zelfde ervaring te hebben.

Op een mooie dag ben ik weggegaan bij Anne. Ze bevindt zich nu opgevouwen in haar koffer op zolder. Fred is haar vervanger, echter 50 kilo zwaarder en voorzien van een maatpak, overhemd, pruik en snor.

Beste lezer, de ervaring was geweldig. Na een reanimatie van een klik-klak lijk in de zaal (Anne), roepen we de groep naar buiten voor een onwel wording. De reactie bij aankomst is verbijsterend.

De eerste cursisten welke werden geconfronteerd met Fred trokken de snor van zijn lip, maakten zijn mond schoon en gingen daarna beademen. Ik ervoer dit als het slopen van mijn reanimatiepop maar bedacht me later dat men teruggreep naar het aangeleerde referentiekader.

Men greep terug naar het naar alcohol ruikende en schoongemaakte harde mondje.

Later ben ik de pop gaan voorzien van een beetje bloed uit de mond. Dit gaf een versterkend effect aan de toch al niet fris uitziende snor. Nu weigert menig cursist te beademen, is versleten na 2 minuten pompen en schreeuwt om aflossing. Kijk! Dat is nou reanimeren!!

Door de pop te veranderen in een redelijk echt uitziend mens wil men ineens handschoenen aan en geeft ik menig uur training in het gebruik van een beademingskapje. Zo zou het moeten zijn! Toch!

In oktober 2012 komt er een mannelijke cursist het lokaal binnen en verteld dat hij een meneer heeft gereanimeerd. Wanneer ik hem vraag hoe het gegaan is antwoord hij; “Het was precies jouw pop” en het koste me totaal geen moeite. Ik denk zelfs dat jouw pop smeriger is en ook zwaarder reanimeert. het viel me mee.

Een groter compliment kon hij me niet geven.

Arjan de Kleijn

Wat zijn uw risico’s?

Wanneer ik in een cursus aan bedrijfshulpverleners vraag wat hun risico’s zijn blijft het lang stil.

Men heeft er simpelweg  nog nooit bij stil gestaan. Toch is dit de fundering van hun opleiding. Wat zijn uw risico’s, hoe gaan we deze primair voorkomen en hoe lossen we ze op wanneer ze ondanks alles toch gebeuren.

Daarna gaan we kijken naar de benodigde middelen.

Wanneer we de cursist een beetje helpen komen we over het algemeen op de onderstaande lijst uit;

1. Vallen struikelen

2. Flauwte ( een topper in het hoger onderwijs)

3. Stoten

4. Snijden

5. Klemmen

6.Aanrijden

7. Werkdruk

8. Gedrag

9. Haast.  (Hierbij valt op te merken dat punt 7-8 en 9 vaak aan elkaar hangen)

10. Agressie

11. Afkicken van energiedrank (een nieuwe in het voortgezet onderwijs?)

enz. enz.

 

Het valt op dat met “brand” niet of nauwelijks noemt. Ondanks dat wordt juist hieraan veel tijd besteedt. Is dat logisch?

Ja dat is logisch. We zijn namelijk het aspect “Effect” vergeten.

Vanuit het principe Risico is Kans x Effect heeft het effect invloed op de uiteindelijke lijst.

Juist door het effect komt brand hoog in de lijst te staan en blijft het belangrijk in de training.

 

 

Bovenstaande lijst is in de definitieve vorm voor iedereen uniek. Werkomstandigheden, lichaamsbouw of leeftijd maken verschil. Terwijl een telefoniste agressie en tocht als een risico ervaart zal een kok hele andere zaken noemen.

De risicolijst vormt het opleidingsprofiel van de verschillende medewerkers. Wees voorbereid op uw risico’s, voorkom ze, en als ze uiteindelijk toch gebeuren bent u voorbereid door opleiding en oefening. Uiteraard heeft u ook de juiste middelen in huis

 

 

 

Een standaard verbandtrommel bestaat niet

Een standaard verbandtrommel bestaat niet

Tijdens een cursus vraag ik een cursist even de eigen verbandtrommel te pakken. De man komt aan met een  grote oranje bak welke is verzegeld.

Wanneer ik hem vraag wat er in zit blijft het even stil. Geen idee, we hebben hem besteld en omdat het ding verzegeld is durven we hem ook niet open te maken. We nemen aan dat hij compleet gevuld is, toch?

Dit soort zaken zijn meer regel dan uitzondering. Men heeft een trommel maar kan hem nauwelijks toepassen in de praktijk.

Tegenwoordig leg ik de inhoud van de trommel uit. Ik pak een gaasje en een rolletje verband, leg uit dat dit de basis is voor de rest van de trommel. Snelverbanden en wondsnelverbanden zijn afgeleid van het gaasje en het rolletje verband. Het principe blijft hetzelfde.

Wanneer het allemaal wat heftiger wordt breiden we het geheel uit naar een wonddrukverband met evt een mitella of brede das.

Hierna vragen we de cursist de eigen trommel te openen en de inhoud er uit te halen. De stapel met gaasjes zijn veel van het zelfde en de meeste ruimte in de trommel wordt in beslag genomen door vette watten, syntetische watten en snelverbanden aangevuld met wat pleisters en een schaar.

De cursist komt tot de conclusie dat de trommel vooral veel van hetzelfde bevat.

 

Wanneer ik de groep vraag naar de risico’s binnen hun bedrijf komt er het volgende uit;

vallen/struikelen, brandwonden, snijwonden, oogletsel door chemicalien, kneuzingen, flauwte, aanrijden en verdinking

Wat zou je dan eventueel nog kunnen aanvullen in je verbandtrommel?

Doe maar; Een coldpack, brandwonden verband, vingerpleisters, een klein oogspoelsetje, Cola, en een reddingsklos.

          

Kortom, de standaard verbandtrommel bestaat niet. Hij dient te zijn voorbereid op uw risico’s.

Het kan niet zo zijn dat brandwonden in uw bedrijf een risico zijn en u heeft hiervoor niets in huis.

 

Achteraf zal men u vragen; Dat had u kunnen voorzien, toch?

 

Succes

Arjan de Kleijn  trendwatcher in BHV

 

Nazorg in de BHV niet goed geregeld

Nazorg in de BHV maar ook Hartslag-Nu niet goed geregeld.

Steeds vaker lopen er cursisten weg bij de reanimatie cursus omdat ze in de afgelopen periode een reanimatie hebben meegemaakt. Hartslag-Nu (voorheen AED Alert) geeft aan dat men desgewenst naar slachtofferhulp kan bellen. Met het oog op het project “Zelfredzaamheid van burgers” lijkt me dit een gemiste kans en verwacht ik dat men na enkele echte reanimaties gaat en een evt lidmaatschap van Hartslag-Nu op zal zeggen.

Kan een BHV-er het geleerde toepassen in zijn praktijk?

BHV-ers hebben wel de papieren maar weten het geleerde niet toe te passen in de praktijk

Deze week alweer een bedrijf welke al 15 jaar de BHV leden goed heeft opgeleid. Wanneer ik vraag of we de interne procedure een keer kunnen testen geeft men niet thuis. Steeds meer bedrijven hebben de papieren in orde maar kunnen de BHV-ers niet snel bereiken. Men heeft geen pieper, telefoon of er over nagedacht hoe we in de praktijk de BHV organisatie snel kunnen inzetten. Zou het een idee zijn om een BHV-team keurmerk uit te geven voor de BHV organisaties die een bewezen functionerend team hebben. Nu zien we bij de bedrijven die een dergelijk keurmerk afgeven dat dit lang niet altijd een toetsing in de praktijk betreft.
Ik streef al jaren naar toetsing en training binnen het eigen bedrijf, met eigen middelen op de eigen risico’s maar krijg op de één of andere manier geen respons. Zou men bang zijn voor de resultaten?

Blussen of ontruimen in de zorg?

Tijdens het oefenen met het personeel van een grote zorginstelling zien we velen primair gaan blussen en secundair de bewoners ontruimen. Wanneer we de cursisten vragen hoe lang ze nodig hebben om een client uit bed in het volgende compartiment te krijgen komt men uit op minimaal 2 minuten per client.

Landelijk zien we steeds minder zorgverleners op steeds meer bewoners. Met name de avond en nacht zijn de meest kwetsbare uren. Hierin zijn beperkingen maar zeker ook mogelijkheden.

Door de cursisten kennis te laten maken met echte rook ervaart men direkt de beperkingen. Uiteraard is een snelle verkenning noodzakelijk. Is er echter wel iets aan de hand dan is een snelle en gedegen alarmering en daarna het welzijn van de clienten primair noodzakelijk. Blussen is alleen effectief wanneer men een klein brandje met bijvoorbeeld water uit een bloemenvaas kan blussen. Ook in dat geval is het welzijn van de client het belangrijkst.

BHV opleiders, stop met de zgn. “vermaak” trainingen. Train het zorgpersoneel op de beperkingen en mogelijkheden in de avond en nachturen. Alle brandjes groter dan een prullenbak lekker laten branden en de cursist tools geven om de clienten snel en doeltreffend te ontruimen. Wat doet rook met een mens en wat kan men doen om rookverspreiding te voorkomen.

Misschien moeten we wel concluderen dat we met zo’n klein aantal personeelsleden in de avond en nachturen kiezen voor ontruimen en niet voor blussen.

Resc.Support veiligheidstrainingen

Resc. Support is een veiligheidsopleider werkend vanuit Tilburg. Onze visie op trainen is niet in een vreemd gebouw maar bij de klant zelf. Hierbij is elke training maatwerk en vaak veel effectiever dan bij andere opleiders. Wij hebben geen eigen pand en iedereen die voor ons werkt is specialist op zijn eigen vakgebied. Door onze lage overhead zijn de kosten voor onze klant beheersbaar en transparant. Vele klanten trainen hierdoor vaker voor het zelfde budget.

SONY DSC